KunstKoning Blog

Categorieën

Dromenvanger Paul Klemann – in Centraal Museum

Paul Klemann, De Blueszangeres, 1993  Bron: website Centraal Museum

Paul Klemann, De Blueszangeres, 1993
Bron: website Centraal Museum

Tot en met 9 juni zijn bij de tentoonstelling Surreële Werelden in het Centraal Museum de ontregelende droomtekeningen van Paul Klemann te zien. Hij werd hier tijdens de Sit-in door directeur Edwin Jacobs geïnterviewd over zijn werkwijze- die hem bijna tot waanzin dreef- en het nut van gekte.

Door: Vera de Lange

Voor de meeste mensen zijn dromen slechts een bijzaak in het leven.’s Ochtends bij het ontwaken verwonder je je er even over, maar daarna ga je over tot de orde van de dag. Zo is het niet voor Paul Klemann, die zijn beroep heeft gemaakt van het vangen van dromen in tekeningen. De rollen van slapen en waken zijn omgedraaid: “Het dagelijks leven heeft voor mij vooral bestaansrecht als voedingsbodem voor mijn dromen.” In 1993 ontving hij de Prix de Rome voor zijn hallucinerende tekeningen.

Ordners
Vroeger sliep Klemann zo lang dat hij nog net voor sluitingstijd van de supermarkt opstond om boodschappen te doen. Hij werkte dan de hele nacht door om zijn dromen uit te werken. In het begin werd hij erdoor overweldigd. “Ik zat aan de rand van doordraaien”, vertelt hij. “Ik kreeg teveel indrukken, en ze waren vaak extreem dramatisch.” Nu heeft hij het meer onder controle. Het stadium van ontwaken probeert hij zo lang mogelijk te rekken. Telkens als hij wakker wordt, soms ook midden in de nacht, maakt hij aantekeningen, nog in bed in het donker. Die typt hij de volgende dag uit op de computer. Inmiddels heeft hij twee meter ordners met droombechrijvingen.

Dronkemansrit 

Op basis van deze ‘verhaaltjes’ maakt hij kleine schetsjes, ongeveer als een storyboard, die hij verder uitwerkt in potloodtekeningen in kleur. Dat gaat sneller dan schilderen; hij moet wel om het tempo van zijn dromen bijhouden. Klemann is zelfverzekerd over zijn werk wist al jong wat hij wilde doen. Toch stopte hij voortijdig met de Kunstacademie in Den Bosch omdat hij het zat was om steeds al zijn werk te moeten uitleggen, hij vond het juist interessant wat hij er niet aan begreep.
De taferelen die Paul Klemann tekent, zijn ook moeilijk te omschrijven. In felle kleuren zien we de meest uitzinnige fantasiebeelden zoals een vrouwenhoofd dat een kind baart, een rode duivel met een gebroken Grieks beeldje in zijn armen, een manshoge crucifix die een treincoupé in de verdrukking brengt. De tekeningen bestaan uit zoveel bizarre elementen dat ze eigenlijk niet te interpreteren zijn; het ernaar kijken is als een dronkemansrit die je moet ondergaan.

Uitvinding
Toch is het volgens Klemann niet alleen waanzin die zich ‘s nachts aan zijn geestesoog voordoet. Je bent veel slimmer als je droomt, want je kunt de beperkingen van het dagelijks leven van je afschudden: “Overdag kom je tot beslissingen die ’s nachts al ‘aangezet’ zijn,” is Klemanns analyse. Niet voor niets worden veel ontdekkingen tijdens de slaap gedaan. Zo vertelt hij over Elias Howe, de uitvinder van de naaimachine, die lange tijd piekerde over de positie van de naald in een machine. Het gaatje zit immers aan de bovenkant. In een droom werd aangevallen door woeste krijgers met speren. Tijdens het gevecht zag hij opeens dat er een oog zat in deze stokken, en wel vlakbij de punt. Eureka!

Zo winnen dromen ineens aan belang, worden van bijzaak tot hoofdzaak en brengt Klemann de geringe aandacht die er aan dromen wordt besteed in het dagelijks leven aan het licht. De slaaptoestand vormt een zwart gat, we doen net alsof deze niet bestaat. Maar het is een integraal onderdeel van ons leven. Door dromen aandacht te geven kom je in contact met onbewuste kennis en kun je dus zelfs tot grote uitvindingen komen.

———————————————————————————————————————————-

Een selectie uit zijn werk van de afgelopen tien jaar wordt nu gepresenteerd bij Witteveen visual art centre.

Vera de Lange schrijft over kunst, film en cultuur op haar blog: www.verascoop.nl

 

 

 

 

Gerelateerde kunstwerken